Vierentwintigste blog – Mijn moedertaal

Het is al even geleden dat ik een blog heb geschreven. De afgelopen maanden had ik geen tijd / zin / inspiratie om blogs te schrijven. Er is in de tussentijd veel gebeurd, en een van de gebeurtenissen is dat ik moeder ben geworden. Ik vermoed dat het met de bloginspiratie wel weer goed zit vanaf het moment dat onze dochter met haar eerste woordjes begint. Maar ook nu merk ik al dat ze mij inspiratie geeft. Niet door wat zij zegt, maar door hoe ik tegen haar praat.

Dat ik met een raar hoog stemmetje tegen haar zou praten had ik al wel verwacht. Dat is nou eenmaal een gegeven als je tegen baby’s (en ook dieren) praat. Blijkbaar vinden mijn hersenen het raar om mijn gewone volwassen stem te gebruiken als ik tegen haar praat. Dus praat ik ineens een octaaf hoger. Nou, vooruit, dat zal wel weer een keer ophouden als ze terug gaat praten. 

Wat ik niet wist is dat ik hele onzinnige dingen tegen haar zou zeggen. Helemaal als je bedenkt dat ze nog niet terug kan praten. Wat ik namelijk ontzettend veel doe is aan haar vragen of het klopt wat ik denk te zien wat ze aan het doen is. Dat klinkt vrij cryptisch, maar dat ziet er zo uit: ‘ben jij met je vlinder aan het spelen?’ ‘lig jij even in de box?’  ‘ben jij je handjes aan het bestuderen?’. 

Het is al een vreemd gegeven om vragen te stellen aan iemand die toch niet kan antwoorden. Maar het is nog vreemder dat ik vraag of ze iets aan het doen is, terwijl ik duidelijk zelf kan vaststellen dat ze dat aan het doen is. Voor zover ik weet doe ik dat nooit bij volwassenen. Ik denk ook dat Gijsbert raar opkijkt als ik hem ineens vraag ‘ben jij aan het ontbijten?’ terwijl hij ’s ochtends op zijn boterham zit te kauwen. 

Ik kan twee redenen verzinnen waarom ik zo praat. 1. Omdat ik niet goed weet wat ik anders moet zeggen. Ze begrijpt ten slotte nog weinig tot niets. Als ik dan iets benoem wat ze zelf doet, komt dat nog het dichtst in de buurt van een gespreksonderwerp dat we beide zouden kunnen kennen. Of 2. Omdat ik onder de indruk ben van alles wat ze doet. Ik verwonder me over elke nieuwe beweging die ze maakt dus ik denk waarschijnlijk bij alles ‘Wow, doet ze dat nu echt?’. En dan voelt het misschien logisch om dat even bij haar te checken. 

Ook hier zal ik wel een keer mee ophouden als ze terug gaat praten. Voor je het weet krijg ik een ‘Jahaa dat zie je toch!’ naar mijn hoofd.